Formule 1

Nederlandse architect Hugenholtz ontwierp Suzuka dat wereldwijd bekend is door zijn unieke achtvormige lay-out

Uitgegeven door Bas Kaligis • 28 maart 2026 20:10

De Formule 1-race in Japan wordt verreden op het Suzuka Circuit, een circuit dat eigendom is van Honda Motor Co., Ltd.. Dat maakt deze race bijzonder, omdat niet de overheid maar een private partij verantwoordelijk is voor de organisatie en de financiële risico’s.
Het circuit zelf werd al in 1962 geopend en is ontworpen door de Nederlandse architect Johannes Bernardus Theodorus (Hans) Hugenholtz (internationaal beter bekend als John Hugenholtz), die ook betrokken was bij Circuit Zandvoort. Suzuka is wereldwijd bekend door zijn unieke achtvormige lay-out, waarbij een deel van het circuit over een brug loopt. Het ontwerp staat bekend als technisch uitdagend en geliefd bij coureurs.

Suzuka circuit Nederlandse architect Johannes Bernardus Theodorus (Hans) Hugenholtz

De Japanse Grand Prix bestaat sinds 1976 en wordt sinds 1987 op Suzuka gehouden. Daarmee is het één van de klassieke races op de Formule 1-kalender, met een lange geschiedenis en een sterke fanbasis. Inmiddels is er een contract dat garandeert dat de race in ieder geval tot en met 2029 op de kalender blijft staan.

Het organiseren van de race kost jaarlijks veel geld. Alleen al de vergoeding om onderdeel te mogen zijn van de Formule 1 ligt rond de 40 tot 50 miljoen dollar per jaar. Wanneer je daar de kosten voor personeel, beveiliging, onderhoud van het circuit en organisatie bij optelt, kom je uit op een totaal van ongeveer 50 tot 80 miljoen dollar per jaar. Daar staan inkomsten tegenover uit kaartverkoop, sponsoring en andere commerciële activiteiten.

De belangstelling voor de race is groot. Gemiddeld komen er ongeveer 250.000 bezoekers naar het raceweekend, met meer dan 100.000 mensen op de racedag zelf. Dat maakt het evenement één van de beter bezochte races in Azië en zorgt ervoor dat het commerciële model redelijk kan functioneren.

Wat Japan onderscheidt van veel andere landen op de Formule 1-kalender is de rol van de overheid. In veel landen, zoals Abu Dhabi, Singapore en Baku, betaalt de overheid een groot deel van de kosten en wordt de race gezien als een investering in toerisme en internationale promotie. In Japan is dat anders. De overheid levert geen grote directe subsidies en staat ook niet garant voor de kosten. De steun blijft beperkt tot indirecte zaken zoals infrastructuur en promotie van de regio.
Daardoor is de Japanse Grand Prix in de kern een commerciële onderneming die moet draaien op eigen inkomsten en een sterke fanbasis. Waar veel andere races vooral marketingprojecten van landen zijn, is Suzuka een voorbeeld van een Formule 1-evenement dat grotendeels functioneert als een zelfstandig businessmodel.

 

MEER NIEUWS...

Babe-box

Xtra

COLUMNS