Karting • Karting Diversen

Technisch Reglement Master Kart Series

Uitgegeven door Bas Kaligis • 18 maart 2006 23:37 • Print artikel

MKS


Master Kart Series (MKS) - Technisch Reglement

Het technisch reglement heeft als doelstelling waarborgen te scheppen voor gelijkheid van de Master Karts. Om dit te bereiken zijn alle karts gefabriceerd overeenkomstig de richtlijnen van de CIK en als zodanig gehomologeerd. Tevens zijn de Honda motoren in beginsel gelijk getuned en verzegeld, met het oogmerk om fraude tegen te gaan. Uitgangspunt voor het technisch reglement is dat de verschillen in de MKS-races ontstaan door de stuurmanskunst van de deelnemers in combinatie met de toegestane afstelmogelijkheden aan de karts.

Paragraaf 1 - Kart Algemeen
1.1 Gewichtsysteem: Toevoegingen aan de kart die tot doel hebben het vereiste gewicht van de rijder te bereiken, dienen op een door of vanwege de organisatie te bepalen plaats aan de kart bevestigd te zijn. Een maximum van twee gewichtssystemen door of vanwege de
organisatie geleverd is toegestaan. Een gewichtssysteem bestaat uit een pen met houder van circa 1,5 kg. Met daarbij behorend een maximum van 3 gewichtsschijven van 2 kg per stuk. Een ander gewichtssysteem dan het door of vanwege de organisatie geleverde systeem is niet toegestaan.

1.2 Banden: Alleen banden die door of vanwege de organisatie geleverd worden zijn toegestaan. Eventueel worden banden voorzien van een merkteken. Merknamen, codenummers, productienummers en maataanduidingen dienen op de banden zichtbaar te blijven.
Iedere vorm van kunstmatig opwarmen, opruwen, bewerken en of met chemische hulpmiddelen schoonmaken of behandelen van banden is verboden.

1.3 Onderdelen: Alleen de door of vanwege de organisatie geleverde onderdelen zijn toegestaan ter vervanging of reparatie aan de kart. Deze kunnen zijn voorzien van een merkteken. De karts dienen te verkeren in de uitvoering als bij aflevering.

1.4 Kuip: Uitsluitend kuipen van het merk Tillett, Type T8, ¼ bekleed, mogen gebruikt worden in de Master Kart.

1.5: Telemetrie en elektronische communicatieapparatuur: Beiden mogen niet gebruikt worden tijdens de wedstrijden.

1.6: Startnummers: Worden aangeleverd door de organisatie. Gebruik wordt gemaakt van magnetische platen.

Paragraaf 2 – Kart & aandrijving & geschillen
2.1 Chassis: Alleen de door of vanwege de organisatie geleverde Eglem Karts Imola chassis zijn toegestaan. Ieder geleverd chassis heeft een uniek chassisnummer zoals aangebracht op de linker stoelsteun. Slechts één chassis, dat bij kartkeuring voorafgaande aan de race aangeboden is, mag tijdens de wedstrijd gebruikt worden.
2.2 Borging: Alle chassisdelen en onderdelen die bedoeld zijn voor het aanpassen van de wegligging, zoals sporing, caster, camber, remdruk, gewichtsverdeling, e.d., dienen zodanig gemonteerd en geborgd te zijn dat verstellen tijdens het rijden niet mogelijk is. Tevens mag de uitvoering van de afstelling onder geen beding een gevaarlijke situatie opleveren. Bevestigingsbouten of schroeven mogen niet langer zijn dan noodzakelijk. Het gebruik van titanium materialen is verboden.

2.3 Wielbasis: 1045 +/- 5 mm.

2.4 Achteras: Diameter 50 mm. Alleen een door of vanwege de organisatie geleverde achteras is toegestaan eventueel voorzien van merkteken.

2.5 Remmen: Hydraulisch, zoals standaard bij de kart geleverd. Beiden rempompen goed functionerend en de remstang voorzien van een extra kabel voor veiligheid.

2.6 Velgen en bevestiging: Alleen door of vanwege de organisatie geleverde velgen zijn toegestaan. Voorvelgen zitten vast met een centrale borgmoer. Achtervelgen zitten vast met drie borgmoeren.

2.7 Achterbumper: Zoals standaard bij de kart geleverd, breed model aangepast voor wielbescherming.

2.8 Voorbumperspoiler: model: KG spoiler Anteriore CIK/08.
De spoiler dient deugdelijk te zijn bevestigd.

2.9 Stuurspoiler: Model: KG frontalino portanumero CIK/02.

2.10 Side-pods: Model: KG carenature laterale UNICO. Zijkant bescherming in HDPE is verplicht, zoals geleverd door de organisatie. De ingefreesde reclame wwwmasterkartseriesnl
dient ten allen tijde zichtbaar te blijven.

2.11: Pedalen: Mogen worden voorzien van een deugdelijk pedaal-verkorter systeem. Eventueel het gebruik van aluminium pedalen is toegestaan, zolang de veiligheid niet in het geding komt.

2.12 Overbrenging: 16 : 80, 219 gauge ketting merk EK lengte 116. Voor buitenevenementen wordt een van te voren bepaalde overbrengingsverhouding voorgeschreven.

2.13 Overig: Wat in dit artikel over de kart en zijn onderdelen niet beschreven is, is niet toegestaan.

2.14 Geschillen: Bij technische geschillen wordt de beslissing, of een kart en zijn onderdelen wel of niet conform het reglement is, genomen door een technisch medewerker van de organisatie. De TC heeft het recht om een motor of verschillende onderdelen voor, na of
tijdens een wedstrijd in beslag te nemen. Een vervangend onderdeel wordt dan aangeboden, geheel zonder kosten.

2.15 Straf: Overtreding van dit artikel heeft uitsluiting van de deelnemer voor het betreffende wedstrijd onderdeel tot gevolg.
Paragraaf 3 - Motoren

3.1 Motor: HONDA GX200 type SH Q4. Alleen de door de organisatie verstrekte motoren met zegels en motorpas zijn toegestaan. De motor dient voorzien te zijn van de origineel door de fabrikant aangebrachte motor- en typenummers, welke duidelijk zichtbaar moeten zijn.

3.2 Onderdelen: uitsluitend originele HONDA onderdelen, bedoeld voor het type motor als hierboven beschreven zijn toegestaan. Bouten en moeren hoeven niet origineel te zijn, zij mogen echter geen ander doel hebben dan origineel. Ten behoeve van borging mogen bouten
en moeren doorboord worden.

3.3 Verboden: Het verwijderen van materiaal van, of het toevoegen van materiaal aan de motor is expliciet verboden. Beschadigde onderdelen dienen vervangen te worden. Op alle onderdelen moeten de originele bewerkingsgroeven zichtbaar blijven. Alle motoronderdelen
dienen volgens HONDA richtlijnen gemonteerd te zijn.

3.4 Verplicht: Het monteren van een extra veer aan het gasmechanisme die de gasklep sluit indien geen gas gegeven wordt of de gaskabel niet bevestigd is.

3.5 Toegestane veranderingen:
a] Monteren van alternatieve hoofdsproeiers :
99101-ZF5-0680 99101-ZF5-0700
99101-ZF5-0720 99101-ZF5-0750
b] Bevestiging van gaskabel aan gasmechanisme.

3.6 Bougies: Uitsluitend de volgende bougies zijn toegestaan :
Merk NGK, typen BPR5ES en BPR6ES

3.7 Koppeling: Uitsluitend een door of vanwege de organisatie geleverde koppeling is toegestaan. Enige vorm van bewerken is niet toegestaan.

3.8 Overig: Veranderingen aan de motor die in dit artikel niet beschreven staan, zijn niet toegestaan. Service en reparatie aan een motor mag uitsluitend gedaan worden door of vanwege de organisatie aangewezen servicepunten. De motoren worden verzegeld door middel van genummerde zegels. Hiermee zijn verzegeld het luchtfilterhuis, de cilinderkop en het carterdeksel.

3.9 Verbreken van een zegel: Verbreken van een zegel is ten strengste verboden. Bij constatering van een verbroken zegel wordt de motor door of vanwege de organisatie ter controle in beslag genomen. Na controle wordt de motor, opnieuw verzegeld, aan het
betreffende team overhandigd. Mocht blijken dat er ongeoorloofde werkzaamheden zijn verricht aan de motor, dan mag de motor niet meer in MKS-races worden ingezet en dient een nieuw exemplaar te worden aangeschaft.

3.9a Geschillen: Bij technische geschillen wordt de beslissing, of een motor wel of niet conform het reglement is, genomen door een technisch medewerker van de organisatie. Straf: Overtreding van dit artikel heeft uitsluiting van de deelnemer voor het betreffende
wedstrijd onderdeel tot gevolg.

3.10 Brandstof: De karts dienen voor de tijdtraining met lege tank aangeboden te worden bij de organisatie. Tanken geschiedt met door de betreffende kartbaan geleverde brandstof. Enige vorm van toevoeging is niet toegestaan.

Paragraaf 4 - Diversen
4.11: Reinigen: Het reinigen van karts en/of motoren met schoonmaakvloeistoffen en/of andere middelen welke het wedstrijdterrein kunnen vervuilen is ten strengste verboden.

4.12 Afval: Afval zoals banden, afgewerkte olie en andere smeermiddelen, versleten of defecte onderdelen dient de rijder mee terug te nemen naar huis.

4.13Wijze van uitvoeren werkzaamheden: Alle werkzaamheden aan de kart dient de rijder en/of helper uit voeren op een zgn. milieuzeil, met een minimum afmeting van 2 x 3 meter, om te voorkomen dat het wedstrijdterrein wordt vervuild. Indien geen milieuzeil wordt gebruik kan het betreffende team worden uitgesloten van verdere deelname aan het evenement.

4.14 In werking treding: Dit reglement treedt in werking op 18 maart 2006.











 

MEER NIEUWS...

Babe-box

Xtra

COLUMNS